woensdag 16 juni 2010

Kleurrijke opening dagblad De Pers vandaag!

Dagblad De Pers opende vandaag met een opvallend artikel over de Hare Krishna-beweging, die "flink aan het groeien" is. De verslaggever nam een kijkje in de tempel in Amsterdam. En de lezers werd verteld van de bijeenkomsten hier in Eindhoven en in Boxtel!

Hier volgt de tekst van dit grote voorpaginaverhaal:

Hare Hare, Hare Rama

Je hoort ze niet zo vaak meer op straat, maar de Hare Krisjna-beweging is flink aan het groeien. Met dank aan migranten.


Marcel van Engelen
AMSTERDAM

In de voorkamer van de Amsterdamse tempel zit een serieuze jonge vrouw gebogen over een boek waaruit ze straks zal voordragen. Het is van Srila Prabhupada, de man die Hare Krisjna eind jaren zestig stichtte. Toen Majella Zwart er vier jaar geleden in begon te lezen vond haar zoekende ziel eindelijk rust. Ze heeft een streepje krijt boven haar neus aangebracht. Uit de rivier Ganges. ‘Een voetafdruk van God.’

Sleutelwoord in haar lezing is transcendentaal. De strekking: we leven in een ellendige wereld, vol ongerijmdheden (laatst was ze in het Amsterdamse bos waar mannen chloor in het pierenbadje spoten, terwijl kinderen erin aan het spelen waren) waarin je alleen schijngeluk vindt.

Backpackers
Het ware geluk komt pas in het hiernamaals, al kun je daarbij in de buurt komen als je je overgeeft aan Krisjna. In het dagelijkse leven: heel vaak het Hare Krisjna-mantra opzeggen, vegetarisch eten, geen alcohol of drugs, en seks alleen binnen het huwelijk. ‘Volledige overgave is moeilijk’, reageert een man. ‘Na zestien jaar is het me nog steeds niet gelukt.’
Een andere man, geprikkeld: ‘Sommigen lukt het direct.’

Het valt op dat het zaaltje vol zit, ondanks het mooie weer. Na het zingen en dansen, als het eten wordt geserveerd, zitten er vijftig mensen. Een trots Indiaas echtpaar, een stel uit de Zaanstreek dat klaagt over materialisme, backpackers die in India bevangen raakten door het hindoeïsme, hindoestaanse Surinamers en ouderwetse Hare Krisjna’s zoals we die kennen van optochten op straat. Voor wie geneigd is te denken dat Hare Krisjna vergane glorie is uit de jaren zeventig, tijdperk van sektes en communes: dat is een misvatting. De beweging is minder zichtbaar geworden, maar het aantal volgelingen groeit al weer jaren. In Nederland en in het buitenland. Na de val van de Muur stoomde Hare Krisjna – een orthodoxe vorm van hindoeïsme – in Oost-Europa op. In Hongarije heeft de beweging in vijf steden een vestiging.
In de westerse wereld leefden Hare Krisjna’s tot in de jaren tachtig als monniken bij hun tempels. Ze droegen oranje gewaden, schoren hun hoofd kaal (op een plukje haar aan de achterkant na) en trokken al mantrazingend door de stad. Dat doen ze nog steeds, af en toe, maar dat is slechts een fractie van de volgelingen. Voor de meesten is de tempel een gewone ‘kerk’ geworden die je zondag bezoekt. De volgende dag gaan ze weer naar hun werk. Ze zijn niet als Hare Krisjna’s te herkennen.

‘Vroeger gaven we alles op voor spiritualiteit’, zegt een oude Hare Krisjna die zich Parividha noemt. ‘Tegenwoordig voeg je Krisjna toe aan je leven.’ Het kon moeilijk anders. Van donaties en boekenverkoop konden de ‘toegewijden’ niet meer leven. En een celibatair monnikenbestaan bleek ook niet alles.

‘Surinamers, Chinezen, Nederlanders, alles door elkaar.’
-Chandrika Devi, volgelinge Hare Krisjna

Amsterdam was een belangrijk centrum van de beweging. Maar in 1980 vertrokken veel monniken naar een Hare Krisjna-kasteel in de Belgische Ardennen. De Amsterdamse tempel verhuisde. Van de Herengracht, naar de Keizersgracht, naar de Ruysdaelkade, naar een benedenwoning daar om de hoek, achttien jaar geleden. Het tekende de neergang. Maar inmiddels is de huidige tempel weer te klein. Een rijke volgeling kocht een pand aan de Wittenburgergracht, en de gemeente gaf onlangs toestemming om het te herbouwen tot een nieuwe, grotere Hare Krisjna-tempel.

Ook in Den Haag zijn plannen voor een nieuwe tempel, te delen met andere hindoeïstische groepen. Een van de Haagse Hare Krisjna-tempels is gevestigd in een benedenwoning, waar wekelijks vijftig mensen samenkomen. ‘We groeien’, zegt tempelpresident Chitan Sieuwtjaran. ‘Heel langzaam.’ Dat het een gewone ‘kerk’ is geworden mag ook blijken uit een splitsing, na een ruzie. In Den Haag zijn nu twee Hare Krisjna-groepen, elk met een eigen tempel. In Rotterdam trouwens ook.

In plaatsen als Boxtel, Eindhoven of Leeuwarden houden Hare Krisjna’s religieuze diensten bij iemand thuis. Overal in Nederland blijken bijeenkomsten, kleine festivals en optochtjes te zijn. ‘Wij zijn in 2002 begonnen’, zegt de Bhutaanse Chandrika Devi in wier huis in Boxtel maandelijks dertig Hare Krisjna’s samenkomen. ‘Surinamers, Chinezen, Indonesiërs, Nederlanders, alles door elkaar.’ Dit najaar willen ze hun eerste optocht houden door de Brabantse gemeente. Daar is een groot deel van de langzame opleving van de Hare Krisjna-beweging aan te danken: migranten die van huis uit bekend zijn met het hindoeïsme. In Nederland zijn het vooral hindoestaanse Surinamers. Van de honderden Hare Krisjna’s die er nu zijn, is ongeveer de helft van hindoestaans-Surinaamse origine.

Krishna is terug
Voor wie zoekt naar geluk

Just chant Hare Krisjna, Hare Krisjna, Krisjna, Hare’

De nieuwe president in Amsterdam behoort ook tot de oude garde. Hij is Schots en was degene die de beweging in Nederland begon, in 1970, vanuit een flat in de Bijlmer. Later bestierde hij de grote tempel in Londen (op internet circuleren foto’s van hem met George Harrison, ‘een goede vriend’) en de afgelopen jaren een nog groter Hare Krisjna-centrum in India.

Hij is samen met zijn Brits-Amerikaanse vrouw gevraagd om in Amsterdam iets soortgelijks, in bescheidener formaat, te maken van de nieuwe tempel aan de Wittenburgergracht. ‘Een groot vegetarisch restaurant met 80 zitplaatsen’, zegt Dhananjaya Das. ‘Een gastenverblijf met dertig kamers.’

Hij hoopt op een open huis voor nieuwe toegewijden. ‘Iedereen is op zoek naar geluk. Wij hebben daarop een antwoord, just chant Hare Krisjna, Hare Krisjna, Krisjna Krisjna, Hare Hare....’

Krisjna voor iedereen
De stichter van Hare Krisjna, Srila Prabhupada, was een Indiër die een orthodoxe vorm van hindoeïsme wilde verspreiden. Hij begon in New York, maar de beweging verspreidde zich over de hele wereld. Hare Krisjna is toegankelijk voor westerse hindoes, omdat veel oude Indiase teksten zijn vertaald in het Engels en in het Nederlands. ‘Ik heb ooit van een blanke monnik een boek gekregen en meteen was ikverkocht’,zegtRudhaBavaDas, voorzitter van een van de twee groepen Hare Krisjna’s in Den Haag. ‘Het waren trouwens ook blanken die Hare Krisjna naar Suriname hebben gebracht.’ Hem zie je nooit op straat in een oranje gewaad. ‘Dat doen alleen blanken die strenger in de leer zijn dan wij. Voor ons is het meer een vanzelfsprekend deel van ons leven.’